Scheidingsangst

Roos (6 jaar) is zo op het eerste gezicht een goedlachs ondernemend meisje. Ze kijkt je uitdagend aan en onderzoekt of ze een grapje uit kan halen. Bij nadere kennismaking blijkt dat Roos last heeft van aanhoudende scheidingsangst, op school en bij het afspreken met vriendinnen. Dit geeft een druk op het gezin.

Ouders beschrijven Roos als een gevoelig meisje dat veel van haar omgeving in zich opneemt. Ze heeft moeite om nieuwe ervaringen te verwerken. Ze kijkt altijd heel goed rond, hoort ‘alles’, neemt het in zich op en later komt het er thuis in de vertrouwde omgeving weer uit. Dit gebeurt veelal op een heftige, emotionele manier. De ene keer krijgt het vorm in schokkerig, onbedaarbaar huilen en de andere keer in een driftig, druk gedrag waarbij ze van alles af wil dwingen bij haar ouders.

Moeder geeft aan dat ze geneigd is om alle keuzes uitgebreid uit te leggen aan Roos. Ze vraagt zich af of ze haar eigen onzekerheid misschien op haar dochter overbrengt door alles te bespreken en Roos een stem te geven in de keuzes. Ze is enigst kind en daardoor praat ze thuis vaak mee met de volwassenen. Ondanks haar slimme manier van reageren, moet niet vergeten worden dat Roos alles verwerkt vanuit waar ze is in haar sociaal emotionele ontwikkeling.

Roos vertelt mij dat ze het niet fijn vindt dat ze bij elk afscheid moet huilen en buikpijn heeft. Ze geeft aan dat er een brok in haar keel komt die ze niet kan tegenhouden. Ik vraag haar of ze wil onderzoeken wat er in haar keel gebeurd. Ik teken haar huis, school, naschoolseopvang, huizen van vriendinnen, het speelveldje en het zwembad. Dan vraag ik haar op te letten waar de brok in haar keel groter wordt. Dat weet ze haarfijn te vertellen. Bij de naschoolseopvang en op school is het het ergst. Thuis heeft ze geen last en bij vriendinnen niet als haar moeder erbij is. In een volgende sessie zoeken we dit verder uit. Dan komt ze er achter dat haar klachten toenemen als ze ergens net is. Eenmaal langer daar wordt het leuker. Ook is het lastiger als een situatie verandert, zoals andere groepjes in de klas of een nieuwe juf bij de naschoolseopvang. We verzinnen een stoplicht. Rood is dat het heel moeilijk is om ergens te zijn zonder haar ouders, oranje is een beetje en groen is makkelijk. Daarmee gaat ze oefenen.

De eerste weken is er nog sprake van paniek bij het afscheid nemen. Dan hoor ik van de juf dat de tranen sneller over zijn. Ook moeder vertelt dat Roos niet meer over buikpijn klaagt en de brok in haar keel minder dominant is.

In kleine stapjes coach ik haar ouders naar stevige leiding en begeleiding en Roos naar minder angst voor scheiding van haar ouders. Ouders tonen een kind onzekerheid als ze het kind alles vragen en alle keuzes voorleggen.

Als Roos merkt dat haar ouders zich zeker voelen en tonen dat ze het kan, durft zij er zelf ook in te geloven. In de therapie bespreken we de succesmomentjes.

Roos weet nu van zichzelf dat ze moeite heeft met nieuwe dingen. Als ze doorzet, zo heeft ze ervaren kan ze het heel leuk hebben.

*) Vanwege de waarborg van privacy van cliënten is gekozen voor een fictieve naam.

 

Nino

Nino is geen fictieve naam van een kind dat in mijn praktijk komt voor kindertherapie. Nee, het is een vrolijk uitziende handpop met een menselijk gedaante waardoor ik met gemak allerlei menselijke eigenschappen aan hem kan koppelen!

Nino’s gezicht, mond en tong kan ik laten bewegen waardoor het hele scala aan menselijke uitdrukkingen gesuggereerd kan worden. Hij heeft twee bespeelbare handen die het gedrag versterkt kunnen neerzetten.  Soms past het in de therapie om het gedrag van het kind via Nino te spiegelen.    

Finn is een 9 jarige jongen die gediagnosticeerd is met ADHD. Hij komt bij mij in therapie omdat medicatie bij hem geen verbetering geeft en hij gemotiveerd is om aan zijn gedrag en concentratie te werken.

Na een aantal sessies is Finn’s gedrag zowel volgens school als thuis aan het verbeteren. Als hij weer bij mij komt geeft hij aan dat hij tijdens instructies op school nog moeite heeft om niet te gaan friemelen aan potlood en gum. Hij is dan niet met zijn aandacht bij de juf en kan de opdracht niet juist uitvoeren. Ik oefen met hem hoe je dit kun verbeteren. Ik leg hem uit dat dit interesse en oefening vergt. Finn is geïnteresseerd maar haakt snel af, ook in mijn praktijk gaat hij overal aan friemelen. Hij wordt korzelig omdat het hem niet lukt.

Ik besluit Nino de handpop in te zetten. Of een handpop hulp kan bieden hangt af van wiens hand er in de pop zit. In de eerdere sessies met Finn heb ik waargenomen wat er aan de hand is met hem. Het gevoel wat er in hem zit herken ik en weet dit te spiegelen via mijn hand en Nino.
Nino laat ik aan mijn hand tot leven komen door overdreven druk gedrag te laten zien. Hij stuitert de kamer door en ik laat zijn hoofd alle kanten op draaien. Finn kijkt gebiologeerd.

Finn ziet niet mijn hand maar reageert op Nino alsof het een mens is en laat zijn weerstand zakken. Hij is geïntrigeerd door Nino, die, geleid door mijn hand en stem, voordoet wat het onrustige kijken, naar alles wat om hem heen beweegt, met hem doet. Nino wordt moe en overprikkeld en laat zijn koppie hangen.

Finn is niet bewust dat Nino’s gedrag een afspiegeling is van Finn. Vanuit het onderbewuste herkent Finn Nino’s gedrag. Dit gedrag heb ik er ingestopt, voortkomend uit het observeren van het gedrag van Finn. Hij weet alleen niet wat hij herkent. Het spreekt hem aan en hij doet mee. Op deze manier is de confrontatie met zijn eigen gedrag weg. Hij hoeft zich er niet schuldig over te voelen dat hij iets niet doet of kan en daardoor is de weerstand weg die eerder in de sessie onoverkomelijk was.

Als Nino voordoet hoe hij na al die drukte tot rust wil komen zie ik Finn er helemaal in opgaan. De uitnodigende suggesties van Nino om zijn ogen dicht te doen en andere aanwijzingen te volgen gaan er in bij Finn als koek. Hij imiteert Nino naar hartelust. Datgene wat ik hem eerder wilde leren is nu via een sympathieke list met speels plezier bij hem binnengekomen.
*) vanwege de waarborg van privacy van clienten een fictieve naam.

Kinderen en sociale media

De afgelopen jaren is er een mogelijkheid om te communiceren bij gekomen. Eentje die zowel vreugde als zorg geeft: sociale media. Voor de meeste jongeren is die niet meer weg te denken. Maar wat als het ineens asociaal wordt? In de praktijk krijg ik vragen hoe hiermee om te gaan en het kind hierin te begeleiden.

Jongens treffen elkaar niet meer uit school op het schoolplein maar via de Playstation in de online game Fortnite of in een party van GTA. Hierin kunnen ze elkaar vinden, maar ook ervaren dat ze buitengesloten worden. Dat is net zo pijnlijk als gepest worden op school, maar vraagt om een andere vaardigheid om het op te lossen.

Kiera (10 jaar) vindt het heerlijk om uit school in te loggen op MovieStarPlanet (MSP). Ze heeft een eigen typetje gecreëerd. Moeder maakt zich zorgen omdat Kiera op MSP wel eens aan anderen vertelt wat ze s ‘avonds thuis gaat doen. Ik liet Kiera zien dat ik in MSP ook een profiel kon aanmaken met een ‘pop’naam. Geen mens hoeft te weten wie ik werkelijk ben. Maar dat geldt ook voor een eenzame vent die in is voor een praatje met een leuke, jonge meid.

De virtuele wereld is een schijnwereld. Wat gepresenteerd wordt als echt, kan met gemak een verzinsel zijn. Het is belangrijk zo min mogelijk persoonlijke gegevens prijs te geven en zelf geen suggestieve namen te gebruiken zoals ‘superbabe’. Op jonge leeftijd moet je al geleerd worden hoe je je online en in de virtuele wereld veilig te gedragen. Net als in de echte wereld; anders gaat het te veel via onnodig vallen en opstaan. Als ouder ben je er niet de hele tijd bij als jongeren online zijn op Skype,

Facebook of WhatsApp. Daarom is het belangrijk contact te houden met je kind over wat het bezighoudt aan program- ma’s, spellen of app’s en met wie van de vrienden het online is. In de praktijk praat ik met jongeren over hun ervaringen. Kenmerkend is dat ze dingen doen zonder de gevolgen te overzien. Meisjes laten zich gemakkelijk verleiden door de aandacht die ze krijgen van de jongen die ze leuk vinden. Ze geven hierdoor in een opwelling letterlijk en figuurlijk meer bloot dan hen later lief is. Ontboezemingen, persoonlijke foto’s of webcamfilmpjes die voor die ene jongen bedoeld waren, kunnen soms lelijk misbruikt worden. De ‘liefde’ is vluchtig, maar de beelden vervliegen niet.

Ook kunnen pubers behoorlijk van streek raken als ze in groepsapp’s gepest worden. Jolien (veertien jaar) vertelde me dat ze zwart werd gemaakt door een klasgenoot waarmee ze ’s middags nog nietsvermoedend geheimen had gedeeld. Via de groepsapp kwam alles de hele klas binnen. Niet alleen was Joliens vertrouwen pijnlijk beschaamd, dat voelt ze zich nu ook voor de hele klas. Door een snelle actie van de leerkracht werd de roddel verwijderd, maar de schade was reeds aangericht. Mocht je als ouder vanwege de voorgaande risico’s en gevaren negatief zijn: er zijn ook voordelen. Een (online) game is interactiever dan een boek of televisieprogramma. Spelletjes speelt het kind vaak tegen of met iemand, het is een sociale bezigheid. Er zijn games die het ruimtelijk inzicht en doorzettingsvermogen vergroten, of die creatief en uitdagend zijn. Je kunt alles simuleren in een virtuele wereld voordat je het in het ‘echie’ praktiseert. Computers en sociale media zijn niet meer weg te denken en zullen leidend worden. Probeer je in te leven of in te lezen! Handige sites zijn: www.mijnkindonline.nl en https://nl.vpnmentor.com/blog/de-ultieme-handleiding-om-je-kind-op-internet-te-beschermen

*) Vanwege de waarborg van privacy van cliënten is gebruikgemaakt van fictieve namen.